ECLI:NL:GHSGR:2002:AE8189
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep poging tot doodslag na schietincident bij schoonouders
De verdachte werd in eerste aanleg vrijgesproken van het primair tenlastegelegde, namelijk moord met voorbedachte rade, maar veroordeeld voor het subsidiair tenlastegelegde: poging tot doodslag. In hoger beroep oordeelde het hof dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat de verdachte met voorbedachten rade had gehandeld. De verdachte had geen kalm beraad en rustig overleg gehad voorafgaand aan de schietpartij.
Het hof verklaarde het subsidiair tenlastegelegde, poging tot doodslag meermalen gepleegd, wel bewezen. De feiten betreffen een schietincident waarbij de verdachte, na een ruzie met zijn zwangere echtgenote, meerdere malen met een vuurwapen schoot op de voordeur, het keukenraam en op zijn schoonvader, waarbij meerdere familieleden ernstig gewond raakten.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van acht jaar op, maar het hof vond deze straf onvoldoende gelet op de ernst van de feiten en verhoogde de straf tot negen jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Tevens werden de schadevergoedingen aan de benadeelde partijen toegewezen, met een totaalbedrag van € 28.361,26, te betalen aan de Staat ten behoeve van de slachtoffers.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht, waarbij het primair tenlastegelegde werd verworpen en het subsidiair tenlastegelegde werd bewezen verklaard. De verdachte werd veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf en tot betaling van schadevergoedingen en kosten.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf voor meervoudige poging tot doodslag met toewijzing van schadevergoedingen.