ECLI:NL:GHSGR:2002:AE3623
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Pannekoek-Dubois
- Duindam
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Verdeling gemeenschappelijke goederen bij echtscheiding volgens Iers huwelijksvermogensrecht
De man is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de rechtbank betreffende de verdeling van huwelijksgoederen na echtscheiding. De kern van het geschil betrof het toepasselijke recht op het huwelijksvermogensregime en de eigendom van de inboedel.
Het hof oordeelde dat het eerste huwelijksdomicilie van partijen in Ierland lag, waardoor Iers huwelijksvermogensrecht van toepassing is. Dit recht kent geen gemeenschap van goederen, maar een vermoeden van mede-eigendom naar rato van bijdrage. De man stelde onterecht dat Nederlands recht van toepassing was en dat hij volledige eigendom had.
De vrouw had zonder toestemming van de man gemeenschappelijke goederen meegenomen naar Ierland, wat onrechtmatig was, maar de man had zijn schadevergoeding niet voldoende onderbouwd. De vordering tot schadevergoeding werd daarom afgewezen. Wel werd de vrouw veroordeeld om over te gaan tot verdeling van de gemeenschappelijke goederen volgens Iers recht.
Het arrest bekrachtigt het bestreden vonnis voor zover het oordeel betreft en wijst overige vorderingen af. De uitspraak werd gedaan door het hof te 's-Gravenhage op 24 april 2002.
Uitkomst: Vrouw wordt veroordeeld tot verdeling van gemeenschappelijke goederen volgens Iers recht; schadevergoeding wordt afgewezen.