ECLI:NL:GHSGR:2001:AE0291
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Klein Breteler
- Stoker-Klein
- Noordam
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens doodslag ex-partner met schadevergoeding
Het gerechtshof te ’s-Gravenhage heeft op 13 maart 2001 het hoger beroep behandeld van een verdachte die werd verdacht van het opzettelijk doden van zijn ex-partner in haar woning. De verdachte heeft het slachtoffer gewurgd met een touw en vervolgens opgehangen, waardoor het leek alsof het om zelfmoord ging.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde feit van doodslag heeft gepleegd. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeven jaar, met aftrek van het voorarrest. De rechtbank had eerder eenzelfde straf opgelegd, maar het hof oordeelde dat het vonnis niet in stand kon blijven en deed opnieuw recht.
De benadeelde partij, een familielid van het slachtoffer, werd ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding. Het hof kende haar een bedrag van f 7.124,95 toe, bestaande uit gemaakte kosten minus annuleringskosten en rouwbloemstukken. De verdachte werd veroordeeld tot betaling van dit bedrag. De overige vorderingen werden niet toegewezen en de benadeelde werd verwezen naar de burgerlijke rechter.
Het hof nam bij de strafoplegging de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het werd gepleegd en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte mee, waaronder een licht verminderd toerekeningsvatbaarheid. Het hof achtte een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf passend en geboden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf wegens doodslag met toekenning van schadevergoeding aan de benadeelde partij.