ECLI:NL:GHSGR:2000:AD9448
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Horstink
- Noordam
- Luteijn
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep doodslag en wapenbezit met vijf jaar gevangenisstraf
Het gerechtshof te 's-Gravenhage behandelde het hoger beroep van de officier van justitie tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam in een zaak waarbij verdachte werd beschuldigd van moord en verboden wapenbezit.
De verdachte had op 10 november 1999 in Schiedam op een openbare weg een persoon neergeschoten met een geladen pistool, waarbij het slachtoffer overleed. Verdachte handelde naar eigen zeggen om zijn zoon te beschermen tegen de ex-vriendin van diens vriendin. Hoewel verdachte aanvankelijk werd beschuldigd van moord, oordeelde het hof dat opzet slechts in voorwaardelijke zin bewezen kon worden, waardoor moord niet wettig en overtuigend was bewezen.
Het hof veroordeelde verdachte voor doodslag en het bezit van een verboden vuurwapen tot een gevangenisstraf van vijf jaar. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat deze niet op de juiste wijze was ingediend. De tijd die verdachte in voorarrest had doorgebracht werd in mindering gebracht op de straf.
De uitspraak benadrukte het schokkende karakter van het delict en het belang van speciale en generale preventie. Verdachte werd niet eerder met justitie geconfronteerd en er werd rekening gehouden met een psychiatrisch rapport. Het arrest werd gewezen door de genoemde rechters en uitgesproken op 29 juni 2000.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor doodslag en verboden wapenbezit, vrijgesproken van moord.