ECLI:NL:GHSGR:2000:AA9943
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Hehemann
- Schuering
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid Nederlands recht en echtscheiding met kinderalimentatie bij gemengd Nederlands-Marokkaans huwelijk
De vrouw en de man, beiden met de Nederlandse en Marokkaanse nationaliteit, zijn in 1989 gehuwd. De rechtbank verklaarde geen rechtsmacht te hebben voor het verzoek tot echtscheiding van de vrouw. In hoger beroep oordeelt het hof dat de Nederlandse rechter wel rechtsmacht heeft, omdat de vrouw de sterkste band met Nederland heeft en het verzoek daarom naar Nederlands recht moet worden beoordeeld.
Het hof stelt vast dat de man de sterkste band met Marokko heeft, maar omdat er geen gemeenschappelijk nationaal recht geldt, is Nederlands recht van toepassing als het recht van de gewone verblijfplaats. De echtscheiding wordt toegewezen wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk.
De vrouw verzoekt eenhoofdig gezag over de minderjarige kinderen, maar het hof handhaaft het uitgangspunt van gezamenlijk gezag, omdat onvoldoende is gebleken dat het belang van de kinderen dit vereist. Een omgangsregeling wordt niet formeel vastgesteld vanwege het verblijf van de man in Marokko, maar de vrouw zal hem gelegenheid geven de kinderen te zien tijdens zijn verblijf in Nederland.
De kinderalimentatie wordt vastgesteld op 250 gulden per maand per kind, aangezien de man voldoende draagkracht heeft en de vrouw geen hogere behoefte aannemelijk heeft gemaakt. De bestreden beschikking wordt vernietigd en het verzoek van de vrouw wordt toegewezen met de genoemde voorzieningen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot echtscheiding toe, bepaalt kinderalimentatie van 250 gulden per maand per kind en handhaaft gezamenlijk gezag.