ECLI:NL:GHSGR:2000:AA7716
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Tijnagel
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken connexiteit met besluit
Belanghebbende, een besloten vennootschap, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd door de Belastingdienst. Na een uitspraak op bezwaar door verweerder, het hoofd van eenheid P van de Belastingdienst, kwam belanghebbende in beroep bij het gerechtshof. De voorzitter van de derde meervoudige belastingkamer verklaarde belanghebbende niet-ontvankelijk in het beroep. Belanghebbende ging in verzet tegen deze beschikking en verzocht vervolgens om een voorlopige voorziening.
De president van het gerechtshof overwoog dat een voorlopige voorziening slechts kan worden getroffen indien het verzoek betrekking heeft op een besluit in de zin van artikel 8:81 Awb Pro. De beschikking van de voorzitter werd niet als zodanig aangemerkt omdat het geen besluit is en de vereiste connexiteit ontbrak. Hierdoor was het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
De president wees ook op het ontbreken van een grondslag voor het toekennen van schadevergoeding in de voorlopige voorzieningprocedure en zag geen aanleiding voor veroordeling in proceskosten. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 17 oktober 2000 door fungerend president Tijnagel.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een besluit en connexiteit.