ECLI:NL:GHLEE:2012:BY0441
Gerechtshof Leeuwarden
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding voor onterechte voorlopige hechtenis na vrijspraak in zaak shakenbabysyndroom
Verzoekster werd verdacht van het veroorzaken van hersenletsel bij haar baby door schudden (shakenbabysyndroom) en verbleef van 23 augustus tot 1 oktober 2008 in voorlopige hechtenis. De rechtbank sprak haar op 10 mei 2011 vrij wegens onvoldoende bewijs wie van de verdachten het strafbare feit had gepleegd.
Na haar vrijspraak vroeg verzoekster schadevergoeding voor de geleden immateriële schade door de voorlopige hechtenis, waaronder het gemis van kostbare tijd met haar ernstig zieke dochter en de psychische impact van het politietoezicht. De rechtbank wees de vergoeding grotendeels af, maar kende een beperkte vergoeding toe voor de kosten van het verzoekschrift.
Het hof oordeelt dat ondanks de vrijspraak, er gronden van billijkheid zijn om een schadevergoeding toe te kennen voor de onterechte voorlopige hechtenis. Het hof wijst een vergoeding toe van €3.290,-, gebaseerd op forfaitaire dagtarieven voor de dagen in politiecel en huis van bewaring, en vergoedt tevens de kosten van behandeling van het verzoekschrift in hoger beroep.
Een hogere vergoeding dan de forfaitaire bedragen wordt afgewezen, mede omdat het stempel dat verzoekster heeft gekregen losstaat van de voorlopige hechtenis en samenhangt met de inhoud van het strafvonnis. Verzoekster's verzoek tot vergoeding van reiskosten wordt afgewezen wegens gebrek aan wettelijke grondslag.
Uitkomst: Verzoekster krijgt een schadevergoeding van €3.290,- voor onterechte voorlopige hechtenis toegekend.