5. Op 8 mei 1998 is ten overstaan van notaris mr. M.J.A. van Mourik een "Akte afwikkeling nalatenschap de heer [de vader] / vaststellingsovereenkomst" (verder aan te duiden als de vaststellingsovereenkomst) verleden, waarin partijen verschillende afspraken hebben neergelegd. Bij de totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst zijn mr. M.J.A. van Mourik, [ingenieur], een verwant van [senior]. en [dokter], een neef van [de moeder], betrokken geweest (deze personen zullen verder worden aangeduid als notaris Van Mourik, [ingenieur] en [dokter]). De akte is door [de moeder] zowel voor zichzelf, als belast met het ouderlijk gezag voor de destijds nog minderjarige [de dochters] met machtiging respectievelijk - voor zoveel nodig - goedkeuring door de kantonrechter ondertekend. De akte is voor de op dat moment meerderjarige [de zoon] ondertekend door [ingenieur]. Tevens is de akte ondertekend door [dokter].
In deze akte zijn onder meer de volgende passages opgenomen:
"4. Legaten.
In gemeld testament zijn twee legaten opgenomen:
1. aan [de zoon] jr. de hele agrarische onderneming zoals die door de overledene in de vorm van een eenmanszaak werd uitgeoefend. Dit legaat omvat mede alle onroerende en roerende goederen die tot het bedrijf behoren, zoals werktuigen, gereedschappen, inventaris, bedrijfsauto's, voorraden, vergunningen en andere rechten waaronder productierechten, alsmede alle andere activa. Het legaat moest worden afgegeven aan [de zoon] na het bereiken van de achttienjarige leeftijd.
2. aan mevrouw [de moeder] het vruchtgebruik van de gehele nalatenschap in plaats van haar erfdeel bij versterf.
5. Boedelbeschrijving
Gelet op de huwelijkse voorwaarden van erflater (periodiek verrekenbeding), het niet naleven daarvan en de jurisprudentie terzake, wordt er van uitgegaan dat de nalatenschap de helft bedraagt van het totale huwelijksvermogen, behoudens hetgeen hierna onder 6 sub g. nog ten aanzien van de aanbreng en dergelijke is opgemerkt.
De nalatenschap wordt geacht, met inachtneming van het zojuist opgemerkte, op de sterfdatum te zijn samengesteld als volgt:
BEZITTINGEN
1. ondernemingsvermogen
Volgens opgaven van de Noordelijke Accountantsunie
bedraagt de waarde van het bedrijfsvermogen
per saldo (zie bijlage 4) f. 296.910,00
2. onroerende zaken / niet ondernemingsvermogen:
Het woonhuis met ondergrond en tuin, gelegen
[adres 2] te [plaats], kadastraal bekend
[Q], in verhuurde
staat, waard f. 114.000,00
3. auto, Audi A 80: f. 100,00
4. banktegoeden:
- Rabobank [nummer] (1/2) f. 218.286,00
- ABN AMRO [nummer] (1/2) f. 125,00
- Direktbank [nummer] (1/2) f. 1,00
5. effecten (waarde 31.12.1994)
(helft van de totale portefeuille)
- 148 ING à f. 82,00 f. 12.136,00
- 100 IBM à f 123,00 f. 12.300,00
- 100 Merck & Co à f. 65,00 f. 6.500,00
- 250 Philip Morris à f. 99,00 f. 24.750,00
6. polissen p.m.
totaal bezittingen: f. 685.108,00
========
Tot de boedel behoren een zestal doorlopende , aan partijen
bekende, polissen. In totaal is daarop tijdens het huwelijk
f. 168.385,00 aan premie betaald. Dit bedrag is derhalve
uiteindelijk, ingevolge de werking van het deelgenootschap,
ten laste van beide echtgenoten gekomen.
Bij de afwikkeling (onder 6) wordt daarmede rekening gehouden.
SCHULDEN
1. wegens geldlening aan [senior] (1/2)
op grond van een aantal transacties f. 21.979,00
2. de helft van hypothecaire geldlening ad f. 150.000,00
(Rabobank, leningnr. [nummer]) f. 75.000,00
3. de helft van de hypothecaire geldlening
ad f. 150.000,00 (ABN AMRO nr. [nummer]) f. 75.000,00
f. 171.979,00
========
SAMENVATTING
Totaal der bezittingen f. 685.108,00
Totaal der schulden -/- f. 171.979,00
f. 513.129,00
========