ECLI:NL:GHLEE:2011:BT8738
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- A.W. Beversluis
- M.P. den Hollander
- H. van Lokven-Van der Meer
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing minderjarige wegens ernstige bedreiging ontwikkeling
De moeder van de minderjarige [kind] was in beroep gegaan tegen de beschikking van de kinderrechter die haar kind onder toezicht stelde en een machtiging tot uithuisplaatsing verleende. De biologische vader, die het kind niet had erkend en niet het gezag uitoefende, stelde ook beroep in maar werd niet-ontvankelijk verklaard.
De ondertoezichtstelling was noodzakelijk omdat de moeder onvoldoende in staat bleek om haar kind een veilig en stabiel opvoedingsklimaat te bieden. Uit psychodiagnostisch onderzoek en rapportages bleek dat de moeder een licht verstandelijke beperking heeft, hechtingsproblematiek vertoont en niet in staat is tot adequate opvoeding. Eerdere hulpverlening was niet geaccepteerd en de moeder toonde weinig bereidheid tot verandering.
Het belang van het kind stond voorop. Het kind groeide op in een pleeggezin waar zij de noodzakelijke zorg en veiligheid kreeg. Het hof oordeelde dat de ernstige bedreiging van de ontwikkeling van het kind niet was afgewend en dat de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing noodzakelijk waren om haar welzijn te waarborgen.
De biologische vader kon geen belanghebbende zijn omdat hij geen gezagsrechten had en het kind niet erkend had. Daarom werd zijn hoger beroep niet ontvankelijk verklaard. De beschikking van de kinderrechter werd bekrachtigd.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van de minderjarige worden bekrachtigd en het hoger beroep van de biologische vader wordt niet-ontvankelijk verklaard.