ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ8691
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J. Hielkema
- K. Lahuis
- W.F. van Zant
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en oplegging ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit cocaïne-invoer
In deze ontnemingszaak stond de hoeveelheid cocaïne centraal die door de veroordeelde en een medeverdachte in september 1998 in Nederland werd ingevoerd. De advocaat-generaal stelde in hoger beroep een hoeveelheid van 80 kilogram voor, terwijl de verdediging uitging van 40 kilogram. Het hof besloot uit gebrek aan betrouwbaar bewijs uit te gaan van 40 kilogram. De verkoopprijs per kilogram werd vastgesteld op Fl. 45.000,- en de inkoopprijs op Fl. 7.000,-.
Van de bruto opbrengsten werden aftrekposten in mindering gebracht, waaronder betalingen aan een medeverdachte en vliegkosten van de veroordeelde. Verblijfs- en investeringskosten werden niet erkend als aftrekposten wegens onvoldoende onderbouwing en rechtsgrond. Het hof schatte het aandeel van de veroordeelde op 50% van het netto voordeel.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €149.283,43. De veroordeelde werd verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Het arrest werd gewezen door het Gerechtshof Leeuwarden op 21 juni 2011.
Uitkomst: Het hof stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €149.283,43 en legt de verplichting tot betaling aan de Staat op.