ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ8114
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.B.H. Röben
- R.F.C. Spek
- E. Polak
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aanmerkelijk belang en resultaat uit overige werkzaamheden bij verhuur pand aan BV
In hoger beroep staat centraal of belanghebbende in 2003 het pand ter beschikking heeft gesteld aan de BV en of hij nog een aanmerkelijk belang in de BV had. Belanghebbende stelde dat hij de aandelen in 2000 aan zijn dochter had verkocht, maar deze overdracht was niet juridisch afgewikkeld en niet aannemelijk dat de economische eigendom was overgegaan.
De rechtbank had eerder de aanslag verminderd, maar het hof vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep van de inspecteur gegrond. Het hof baseert zich op het ontbreken van bewijs voor overdracht, verklaringen van de dochter en zwager, en het feit dat in fiscale aangiften en onderzoeken geen melding van overdracht is gemaakt.
Verder erkent het hof dat de huurinkomsten belastbaar zijn als resultaat uit overige werkzaamheden, maar vermindert het bedrag met de op de verhuur drukkende kosten. De aanslag wordt daarom verminderd tot een belastbaar inkomen van €42.688. De inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten van €874.
Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep van de Inspecteur gegrond en vermindert de aanslag inkomstenbelasting 2003 tot een belastbaar inkomen van €42.688.