ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ8015
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontuchtige handelingen met minderjarige stiefkleindochter
De verdachte, destijds 69 jaar oud, werd beschuldigd van ontuchtige handelingen met zijn 13-jarige stiefkleindochter op 27 juli 2006. Het hof heeft het beeldmateriaal en het proces-verbaal van bevindingen onderzocht en verwierp het bewijsuitsluitingsverweer van de raadsman. Het hof stelde vast dat de verdachte bewust ontuchtige handelingen heeft gepleegd, waaronder het betasten van borsten, bovenbenen, schaamstreek en ontblote buik van het slachtoffer.
De verdachte voerde een black-out aan, maar deskundigen concludeerden dat hij volledig toerekeningsvatbaar was en op de hoogte was van het ongeoorloofde karakter van zijn handelingen. Het hof hield rekening met het grote leeftijdsverschil en het misbruik van de vertrouwensrelatie, maar ook met het beperkte psychische effect op het slachtoffer en het ontbreken van eerdere veroordelingen van de verdachte.
Vanwege een overschrijding van de redelijke termijn in de behandeling van het hoger beroep besloot het hof in plaats van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een onvoorwaardelijke werkstraf van 240 uren op te leggen, aangevuld met een voorwaardelijke gevangenisstraf van 12 maanden met een proeftijd van twee jaar. De verdachte werd tevens veroordeeld tot een taakstraf die kan worden vervangen door hechtenis indien niet naar behoren uitgevoerd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 240 uur werkstraf en 12 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf wegens ontuchtige handelingen met minderjarige stiefkleindochter.