ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6909
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens medeplegen van handel en export van MDMA-pillen
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet, met betrekking tot de verkoop, aflevering, vervoer en export van een grote hoeveelheid MDMA-pillen naar Australië.
In hoger beroep bevestigde het hof de bewezenverklaring voor de feiten onder parketnummer 18-630056-06, maar verklaarde het beroep niet-ontvankelijk voor het andere parketnummer. Het hof oordeelde dat de strafrechtelijke feiten ernstig zijn vanwege de bedreiging van de volksgezondheid en de criminaliteit die met MDMA-gebruik gepaard gaat.
De persoonlijke situatie van de verdachte was sinds de feiten aanzienlijk verbeterd, met een gezin, een woning, een baan en aflossing van schulden. Tevens was er sprake van een overschrijding van de redelijke termijn in de strafprocedure, wat het hof meewoog bij de strafoplegging.
Hoewel de feiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zouden rechtvaardigen, legde het hof een werkstraf van 240 uur op, met een vervangende hechtenis van 120 dagen, als normhandhaving en vergelding, maar ook ter compensatie van de overschrijding van de redelijke termijn.
Het hof vernietigde het vonnis in zoverre het hoger beroep betrof en deed in die zin opnieuw recht, waarbij het beslag op dvd's niet werd beslist vanwege het ontbreken van een beslaglijst.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een werkstraf van 240 uur wegens medeplegen van handel en export van MDMA.