ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6721
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- E. Polak
- J. Huiskes
- C.L. van Lindonk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging correctie inkomstenbelasting wegens resultaat uit overige werkzaamheden bij verkoop landerijen
Belanghebbende had samen met haar partner en een derde landerijen gekocht en deze tot haar vermogen in box 3 gerekend. Zij stelde haar aandeel ter beschikking aan haar partner die een onderneming dreef. De Inspecteur corrigeerde de aangifte inkomstenbelasting 2004 met een bedrag van €108.985 als resultaat uit overige werkzaamheden, omdat de verkoop van een deel van de landerijen winst opleverde die aan werk en woning werd toegerekend.
Belanghebbende voerde aan dat zij geen voorkennis had over de verkoopopbrengst en daarom geen resultaat uit overige werkzaamheden kon worden toegerekend. Subsidiair stelde zij dat zij ondernemer was en aanspraak maakte op de herinvesteringsreserve. Meer subsidiair beriep zij zich op het vertrouwensbeginsel vanwege gewijzigde fiscale behandeling onder de Wet IB 2001.
Het Hof oordeelde dat het ter beschikking stellen van de grond aan haar partner kwalificeert als werkzaamheid onder artikel 3.91 Wet IB 2001, waardoor de winst uit verkoop belastbaar is als resultaat uit overige werkzaamheden. Het beroep op ondernemerschap faalde wegens onvoldoende feiten. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de goedkeuringsbrief was gebaseerd op een onjuiste voorstelling van zaken en de wet geen grond bood voor vertrouwen.
Het Hof bevestigde daarmee het oordeel van de Rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De aanslag werd gehandhaafd, inclusief de correctie voor resultaat uit overige werkzaamheden.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat de Inspecteur terecht de correctie toepaste en verklaart het hoger beroep ongegrond.