ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6066
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- B.J.J. Melssen
- A.W. Beversluis
- E.A. Maan
- Rechtspraak.nl
Vader niet ontvankelijk in verzoek co-ouderschap en omgangsregeling
De zaak betreft een hoger beroep van de vader tegen een beschikking van de rechtbank Leeuwarden waarbij het hoofdverblijf van de minderjarige kinderen bij de moeder werd vastgesteld. De vader verzocht primair om een 50-50 zorgregeling en subsidiair om een omgangsregeling om de week.
In eerste aanleg was het verzoek van de moeder gericht op wijziging van het hoofdverblijf van de kinderen. De vader had wel zijn wens kenbaar gemaakt voor een co-ouderschapsregeling, maar had dit niet zelfstandig en formeel als verzoek ingediend. Het hof stelt dat een dergelijk verzoek alleen door een advocaat kan worden ingediend volgens de procesregels.
De vader was in eerste aanleg en ook tijdens de mondelinge behandeling in hoger beroep zonder advocaat aanwezig, waardoor zijn verzoek niet ontvankelijk is. Het hof verklaart het hoger beroep van de vader niet-ontvankelijk en bevestigt daarmee de beschikking van de rechtbank dat de kinderen hun hoofdverblijf bij de moeder hebben.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het hoger beroep van de vader niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van advocaatvertegenwoordiging bij het verzoek tot co-ouderschap en omgangsregeling.