ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6055
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Overschrijding beroepstermijn leidt tot niet-ontvankelijkheid in civiel hoger beroep
In deze civiele zaak heeft het gerechtshof Leeuwarden op 26 april 2011 uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van het hoger beroep van beide partijen. Het vonnis waarvan beroep betrof een tussenvonnis van 14 januari 2009, waartegen tussentijds beroep was toegelaten bij beslissing van 25 maart 2009. De beroepstermijn bedraagt drie maanden vanaf de uitspraak van het vonnis.
Beide partijen hadden het hoger beroep ingesteld na het verstrijken van deze termijn en verzochten het hof hen toch in hun principaal en incidenteel beroep te ontvangen. Het hof oordeelde echter dat de regeling van de beroepstermijn van openbare orde is, hetgeen betekent dat het hof ambtshalve de termijn moet bewaken en niet kan afwijken van de termijn op verzoek van partijen.
Het hof stelde vast dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een uitzondering rechtvaardigen en dat het verlof voor tussentijds beroep binnen de beroepstermijn was verleend, zodat er geen beletsel was om tijdig beroep in te stellen. Daarom werden beide partijen niet-ontvankelijk verklaard. Het hof besloot tot compensatie van de proceskosten, waarbij partijen ieder hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Beide partijen werden niet-ontvankelijk verklaard in hun hoger beroep wegens overschrijding van de beroepstermijn.