ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3263
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G. Dam
- L.T. Wemes
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na medeplegen drugsdelicten en diefstal
De veroordeelde werd bij arrest veroordeeld voor medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het verbod van artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet en meervoudige diefstal gepleegd tussen 1 juli 2005 en 24 januari 2007. De rechtbank Leeuwarden had hem veroordeeld tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat op €753.204.
In hoger beroep heeft het gerechtshof Leeuwarden het vonnis van de rechtbank bevestigd. Het hof heeft het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €753.204 en de verplichting opgelegd aan de veroordeelde om dit bedrag aan de Staat te betalen.
De zaak betrof een meervoudige strafkamer die het vonnis van 26 mei 2009 van de rechtbank Leeuwarden bekrachtigde. De veroordeelde was in persoon verschenen en werd bijgestaan door zijn raadsman. Het arrest werd gewezen door drie rechters en griffier, waarbij het hof zich verenigde met het vonnis van de eerste rechter.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de ontnemingsmaatregel en legt de veroordeelde de verplichting op €753.204 aan de Staat te betalen.