ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3261
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G. Dam
- L.T. Wemes
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens bezit en bewerking van hennep met beperkte rol verdachte
Verdachte werd in eerste aanleg vrijgesproken van het bezit van hennep maar veroordeeld voor een ander misdrijf onder de Opiumwet. In hoger beroep vernietigt het hof dit vonnis en verklaart bewezen dat verdachte op 12 februari 2007 bijna 5 kilo hennep in haar woning had en tussen juli 2005 en januari 2007 beperkte bewerking van hennepplanten verrichtte in een kwekerij van haar vader.
Het hof oordeelt dat het binnentreden door de politie rechtmatig was vanwege klachten van stankoverlast en antecedenten van de vader van verdachte. Het hof hecht geen geloof aan de verklaring van verdachte dat zij de henneplucht niet heeft geroken door luchtverfrissers.
Verdachte heeft een beperkte rol gehad bij de kwekerij, namelijk alleen knippen. Gezien het feit dat zij geen antecedenten heeft, legt het hof een gevangenisstraf van twee maanden op, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een taakstraf van 220 uren. De redelijke termijn is met twee maanden overschreden, waardoor de werkstraf is gematigd.
Het hof verklaart verdachte niet-ontvankelijk voor het hoger beroep tegen de vrijspraak van het eerste feit en spreekt haar vrij van overige tenlasteleggingen. De straf is gematigd en aangepast aan de beperkte rol van verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en 220 uur taakstraf voor bezit en beperkte bewerking van hennep.