ECLI:NL:GHLEE:2011:BP7497
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen gronden voor ontzetting vader uit ouderlijk gezag over minderjarige zoon
De moeder heeft bij de rechtbank verzocht om de vader te ontzetten uit het ouderlijk gezag over hun minderjarige zoon, omdat zij vreest dat de vader het gezag alleen zou uitoefenen na haar overlijden. De rechtbank wees dit verzoek af, waarna de moeder hoger beroep instelde bij het Gerechtshof Leeuwarden.
Het hof heeft het verzoek van de moeder opnieuw beoordeeld aan de hand van de feiten en het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming. Uit het onderzoek blijkt dat de vader zich bewust is van zijn psychische beperkingen en in de praktijk de uitoefening van het gezag aan de moeder overlaat. De moeder bevestigt dat de situatie met betrekking tot de vader rustiger is geworden en dat hij zich terughoudend opstelt.
Het hof overweegt dat er geen sprake is van misbruik van gezag, grove verwaarlozing, slecht levensgedrag of andere gronden die tot ontzetting kunnen leiden. Tevens is het mogelijk dat de moeder in een lopende echtscheidingsprocedure wordt belast met eenhoofdig gezag, waardoor de vader niet automatisch het gezag krijgt bij haar overlijden. Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot ontzetting af.
Uitkomst: Verzoek van de moeder tot ontzetting van de vader uit het ouderlijk gezag wordt afgewezen en beschikking van de rechtbank bekrachtigd.