ECLI:NL:GHLEE:2011:BP3436
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- O. Anjewierden
- K. Lahuis
- G.N. Roes
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs opzettelijke brandstichting met sigaret
De verdachte werd primair ten laste gelegd dat zij opzettelijk brand had gesticht door een brandende sigaret op een sprei te leggen, en subsidiair dat zij grovelijk onvoorzichtig was geweest met een brandende sigaret. Tijdens het hoger beroep heeft het hof het bewijs onderzocht en vastgesteld dat er geen aanwijzingen zijn dat de verdachte bewust een brand heeft veroorzaakt. De verdachte verklaarde consistent dat zij haar sigaret had uitgedrukt in een asbak en dat vermoedelijk as op de sprei was gevallen, waardoor de brand mogelijk is ontstaan.
Er was geen bewijs dat de brand op een andere wijze was ontstaan dan door de verklaring van de verdachte. De overige stukken in het dossier gaven ook geen aanwijzing dat de gang van zaken anders was. Omdat in de tenlastelegging een bewuste handeling werd vereist en daarvoor geen bewijs was, achtte het hof de tenlastelegging niet bewezen.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Leeuwarden en sprak de verdachte vrij van zowel de primaire als subsidiaire tenlastelegging. Hiermee werd bevestigd dat onvoldoende bewijs bestond voor opzettelijke brandstichting of grove onvoorzichtigheid met een brandbare stof.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor opzettelijke brandstichting.