ECLI:NL:GHLEE:2011:BP2865
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen strafoplegging voor schoolverzuim ondanks bewezen overtreding leerplicht
De zaak betreft een hoger beroep tegen een veroordeling wegens overtreding van de Leerplichtwet 1969 door de moeder van een minderjarige zoon die schoolverzuim vertoonde. Het hof stelde vast dat de zoon bewust niet naar school ging, ondanks dat hij wist dat hij dat moest doen. De verdachte had veel moeite gedaan om haar zoon te motiveren, maar werd geconfronteerd met zijn weigerachtige houding en het onbegrip van instanties.
Het hof achtte bewezen dat de verdachte niet had voldaan aan haar verplichting om ervoor te zorgen dat haar zoon de school regelmatig bezocht, zoals vereist in artikel 2 van Pro de Leerplichtwet 1969. Strafuitsluitingsgronden waren niet aanwezig. Wel nam het hof de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de lange voorgeschiedenis van het schoolverzuim mee in de beoordeling.
Uiteindelijk besloot het hof op grond van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht geen straf of maatregel op te leggen, mede omdat de zoon inmiddels weer regelmatig onderwijs volgt en de verdachte kennelijk in staat is geweest hem daartoe te motiveren. Het eerdere vonnis van de kantonrechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door de verdachte strafbaar te verklaren maar geen straf op te leggen.
Uitkomst: Verdachte strafbaar verklaard voor schoolverzuim, maar geen straf of maatregel opgelegd.