ECLI:NL:GHLEE:2011:BP0646

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
12 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
24-001451-09
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 23 SrArt. 24 Sr
Verwijzingen
10 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling wegens mishandeling en bedreiging ex-echtgenote met geldboete

Het gerechtshof Leeuwarden heeft op 12 januari 2011 het hoger beroep behandeld tegen een vonnis van de politierechter in Assen. Verdachte werd beschuldigd van mishandeling en bedreiging van zijn ex-echtgenote op 5 januari 2008. Het hof achtte bewezen dat verdachte zijn ex-echtgenote had geduwd waardoor zij pijn ondervond en haar had bedreigd met de woorden dat hij haar zou doodschieten als zij binnen een jaar een nieuwe relatie zou hebben.

De rechtbank had verdachte eerder veroordeeld, maar het hof vernietigde dat vonnis en deed opnieuw recht. Het hof nam de persoonlijke omstandigheden van verdachte mee en constateerde dat hij in het verleden niet voor soortgelijke feiten was veroordeeld. De mishandeling en bedreiging werden als ernstig beoordeeld vanwege de impact op het slachtoffer en haar dochter, mede doordat verdachte in de buurt woonde.

Het hof legde een geldboete van 500 euro op, waarvan 250 euro voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het onvoorwaardelijke deel mocht in vijf maandelijkse termijnen worden voldaan. Tevens werd vervangende hechtenis van tien dagen opgelegd bij niet-betaling. Het vonnis benadrukt het belang van het voorkomen van herhaling van strafbare feiten door verdachte.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 500 euro, waarvan 250 euro voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.

Uitspraak

Parketnummer: 24-001451-09
Parketnummer eerste aanleg: 19-605141-08
Arrest van 12 januari 2011 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Assen van 10 oktober 2008 in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren op [1957] te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats], [adres],
verschenen in persoon.
Het vonnis waarvan beroep
De politierechter in de rechtbank Assen heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.
Gebruik van het rechtsmiddel
De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep op 29 december 2010.
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte voor de feiten 1 en 2 zal veroordelen tot een geldboete van € 500,-, waarvan € 250,- voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren.
De beslissing op het hoger beroep
Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:
1.
hij op of omstreeks 5 januari 2008 te [plaats] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer]), heeft gestompt en/of geslagen en/of heeft geduwd, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden;
2.
hij op of omstreeks 5 januari 2008 te [plaats] [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer] dreigend de woorden toegevoegd: "Als je binnen een jaar een nieuwe relatie hebt, schiet ik je dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.
Bewezenverklaring
Het hof acht bewezen dat:
1.
hij op 5 januari 2008 te [plaats] opzettelijk mishandelend een persoon, te weten [slachtoffer], heeft geduwd, waardoor deze pijn heeft ondervonden;
2.
hij op 5 januari 2008 te [plaats] [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer] dreigend de woorden toegevoegd: "Als je binnen een jaar een nieuwe relatie hebt, schiet ik je dood".
Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.
Kwalificatie
Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:
1. mishandeling;
2. bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.
Strafbaarheid
Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.
Strafmotivering
Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mishandeling en bedreiging van zijn
ex-echtgenote, [slachtoffer]. Door aldus te handelen heeft verdachte inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van zijn ex-echtgenote en bij haar pijn veroorzaakt. Verdachte heeft daarnaast gezorgd voor veel angstgevoelens.
Het hof verwijt verdachte dat hij zich niet heeft kunnen beheersen en dat hij in het bijzijn van zijn dochter zich jegens zijn ex-echtgenote in ernstige mate heeft misdragen. Blijkens de schriftelijk slachtofferverklaring zorgt dit incident nog steeds voor zorgen bij zijn ex-echtgenote en voor problemen bij zijn dochter. Wat de situatie voor hen extra lastig maakt is dat verdachte in dezelfde straat als hen woonachtig is.
Het hof heeft voorts gelet op een verdachte betreffend uittreksel justitiële documentatie d.d. 7 oktober 2010, waaruit blijkt dat verdachte in het verleden is veroordeeld voor strafbare feiten, doch niet voor soortgelijke feiten.
Het hof heeft tevens in aanmerking genomen de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals deze door hem ter terechtzitting van het hof naar voren zijn gebracht.
Het hof zal -conform de vordering van de advocaat-generaal- een geldboete
opleggen. Het hof is tevens van oordeel dat een deel van deze geldboete voorwaardelijk dient te worden opgelegd, teneinde verdachte ervan te weerhouden (soortgelijke) strafbare feiten te plegen. Gelet op de financiële situatie van verdachte zal het hof bepalen dat het onvoorwaardelijke deel van de geldboete in vijf maandelijkse termijnen van € 50,- mag worden voldaan.
Toepassing van wetsartikelen
Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a, 24c, 57, 285 en 300 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.
De uitspraak
HET HOF,
RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:
vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:
verklaart het verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;
verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeldonder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;
veroordeelt verdachte [verdachte] tot een geldboete van vijfhonderd euro;
beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van tien dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;
beveelt, dat van de geldboete een gedeelte van tweehonderdvijftig euro, subsidiair vijf dagen hechtenis, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
bepaalt dat het onvoorwaardelijke deel van de geldboete mag worden voldaan in vijf opeenvolgende éénmaandelijkse termijnen elk groot vijftig euro.
Dit arrest is aldus gewezen door mr. K. Lahuis, voorzitter, mr. L.T. Wemes en mr. J.H. Bosch, in tegenwoordigheid van mr. G.M. Fondse als griffier, zijnde mr. J.H. Bosch buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.