ECLI:NL:GHLEE:2010:BO8954
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij aanwezig hebben hennep
In deze zaak stond de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel centraal, nadat de veroordeelde was veroordeeld voor het opzettelijk aanwezig hebben van hennep. De politierechter had eerder een bedrag van 49.000 euro aan wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld en opgelegd aan de veroordeelde om aan de Staat te betalen.
De advocaat-generaal vorderde in hoger beroep een verhoging van dit bedrag tot 60.685,85 euro. Het hof heeft het vonnis van de politierechter vernietigd en het hoger beroep inhoudelijk behandeld. Uit de beoordeling blijkt dat het niet aannemelijk is dat de veroordeelde daadwerkelijk wederrechtelijk voordeel heeft behaald uit het enkele aanwezig hebben van hennep.
Daarom heeft het hof de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel afgewezen. Het arrest is gewezen door een meervoudige strafkamer van het gerechtshof Leeuwarden en betreft een zaak met parketnummer 24-002339-08. De veroordeelde was eerder vrijgesproken van het opzettelijk telen van hennep, maar veroordeeld voor het aanwezig hebben ervan.
Uitkomst: De vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt afgewezen.