ECLI:NL:GHLEE:2010:BN4022
Gerechtshof Leeuwarden
- Raadkamer
- Bosch
- Melssen
- Jonkman
- Rechtspraak.nl
Beslissing op verzet tegen onterechte griffierechtnota in hoger beroep schuldsanering
In deze zaak heeft opposante verzet aangetekend tegen een griffierechtnota van €234,75 die door de griffier was verzonden in verband met een hoger beroepprocedure onder de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. De procedure was gesplitst in twee zaken, waarbij opposante en haar echtgenoot gezamenlijk één toevoeging hadden verkregen.
Het hof stelde vast dat de griffierechtnota onterecht was, omdat de toevoeging van de Raad voor Rechtsbijstand ook voor opposante gold en tijdig was overgelegd. Hierdoor was het volledige griffierecht niet verschuldigd.
Hoewel de Wet tarieven in burgerlijke zaken geen voorziening kent voor verzet tegen een nota voorafgaand aan betaling, besloot het hof de procedure van artikel 25 Wtbz Pro analoog toe te passen en het verzet gegrond te verklaren. De griffierechtnota werd daarmee vervallen verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart het verzet gegrond en laat de griffierechtnota vervallen.