ECLI:NL:GHLEE:2010:BN0287

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
25 juni 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
24-003266-09
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
  • H. Heins
  • G.N. Roes
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onwettige tenlastelegging binnendringen supermarkt

De verdachte werd door de politierechter veroordeeld wegens het wederrechtelijk binnendringen van een voor de openbare dienst bestemd lokaal, namelijk een supermarkt. In hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat een supermarkt niet kwalificeert als een lokaal bestemd voor de openbare dienst. Hierdoor is het ten laste gelegde feit niet wettig en overtuigend bewezen.

De verdachte is niet verschenen bij de behandeling in hoger beroep, maar het hof heeft ambtshalve besloten de zaak te behandelen vanwege de onduidelijkheid over de tenlastelegging. De advocaat-generaal had verzocht het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 416 lid 2 Sv Pro, maar het hof heeft dit verzoek afgewezen.

Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter en spreekt de verdachte vrij van het ten laste gelegde. De zaak is inhoudelijk behandeld ondanks het ontbreken van de verdachte, mede vanwege de onjuiste kwalificatie van het lokaal in de tenlastelegging.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat een supermarkt niet als lokaal voor de openbare dienst kan worden aangemerkt.

Uitspraak

Parketnummer: 24-003266-09
Parketnummer eerste aanleg: 17-753853-09
Arrest van 25 juni 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Leeuwarden van 27 oktober 2009 in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren op [1974] te [geboorteplaats],
postadres te [postadres],
niet ter terechtzitting verschenen.
Het vonnis waarvan beroep
De politierechter in de rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.
Gebruik van het rechtsmiddel
De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep
Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte met toepassing van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet ontvankelijk zal verklaren in haar hoger beroep.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Het hof stelt vast dat verdachte, voorafgaande aan de behandeling van haar strafzaak in hoger beroep, geen bezwaren tegen het beroepen vonnis heeft opgegeven en evenmin ter terechtzitting in hoger beroep is verschenen. Zulks zou op de voet van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering met zich kunnen brengen dat zij niet ontvankelijk wordt verklaard in haar hoger beroep. Het hof zal daartoe in de onderhavige zaak echter niet overgaan, omdat deze zaak noopt tot ambtshalve behandeling in verband met de wijze waarop het strafrechtelijk verwijt aan verdachte ten laste is gelegd.
De beslissing op het hoger beroep
Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:
zij op of omstreeks 25 februari 2009 te [plaats], (althans) in de gemeente [gemeente], wederrechtelijk is binnengedrongen in een voor de openbare dienst bestemd lokaal, te weten supermarkt [bedrijf], gelegen aan het [adres].
Vrijspraak
Verdachte wordt verweten dat zij op 25 februari 2009 wederrechtelijk is binnengedrongen in een voor de openbare dienst bestemd lokaal, te weten supermarkt [bedrijf]. Omdat een supermarkt niet kan worden aangemerkt als een voor de openbare dienst bestemd lokaal, acht het hof het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen, zodat verdachte daarvan moet worden vrijgesproken.
De uitspraak
HET HOF,
RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:
vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:
verklaart het verdachte ten laste gelegde niet bewezen en spreekt haar daarvan vrij.
Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter, mr. H. Heins en mr. G.N. Roes, in tegenwoordigheid van mr. J. Brink als griffier, zijnde mr. G.N. Roes buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.