ECLI:NL:GHLEE:2010:BM1830
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J. Hielkema
- D.V.E.M. van der Wiel-Rammeloo
- H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte ontuchtige handelingen met minderjarige meisjes
Het Gerechtshof Leeuwarden heeft in hoger beroep het vonnis van de rechtbank Leeuwarden vernietigd en verdachte vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten, waaronder ontuchtige handelingen met een meisje onder de zestien jaar en het aanraken van een ander meisje.
De tenlastelegging betrof meerdere perioden waarin verdachte werd beschuldigd van ontucht, dwang en bedreiging met geweld. De advocaat-generaal vorderde een gevangenisstraf van vier jaren, waarvan één jaar voorwaardelijk, en toewijzing van de schadevergoeding aan de benadeelde partij.
Het hof oordeelde dat de verklaringen van de benadeelden onvoldoende werden ondersteund door andere bewijsmiddelen en dat eerdere veroordelingen in een andere zaak niet als bewijs konden dienen. Ook achtte het hof het politieonderzoek rond de verklaringen van het tweede slachtoffer onzorgvuldig, waardoor de betrouwbaarheid van die verklaringen twijfelachtig was.
Daarom werd verdachte vrijgesproken van alle feiten en werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding. De benadeelde partij werd veroordeeld in de kosten van het geding, begroot op nihil.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.