ECLI:NL:GHLEE:2010:BL9945
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Verschuur
- Kuiper
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging niet-ontvankelijkheid verzet tegen verstekvonnis wegens daad van bekendheid en termijnoverschrijding
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen de niet-ontvankelijkverklaring van appellant in het verzet tegen een verstekvonnis van 21 februari 2007. De rechtbank had geoordeeld dat appellant door een telefoongesprek met de gerechtsdeurwaarder op 6 augustus 2007 bekend was met het verstekvonnis, hetgeen het hof in een tussenarrest bevestigde, behoudens tegenbewijs.
Appellant heeft zichzelf als getuige gehoord om tegenbewijs te leveren en stelde dat hij niet op de hoogte was van de inhoud van het verstekvonnis tijdens het telefoongesprek. Het hof achtte zijn verklaring ongeloofwaardig, mede omdat de gerechtsdeurwaarder zijn eerdere verklaring bevestigde en nader toelichtte.
Gelet op het ontbreken van overtuigend tegenbewijs werd de niet-ontvankelijkheid van appellant in het verzet gehandhaafd. Daarnaast werd de vordering van geïntimeerde tot vermindering van eis afgewezen, omdat zij geen belang had bij wijziging van haar vordering in dit stadium van de procedure.
Het hof veroordeelde appellant tot betaling van de proceskosten in hoger beroep en verklaarde deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de niet-ontvankelijkheid van appellant in het verzet tegen het verstekvonnis en wijst de vordering tot vermindering van eis van geïntimeerde af.