ECLI:NL:GHLEE:2010:BL3503
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep belastingfraude en valsheid in geschrift met werkstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf
Verdachte heeft zich op 1 september 2003 schuldig gemaakt aan het opzettelijk indienen van een onjuiste aangifte inkomstenbelasting en valsheid in geschrift door een vals document ter onderbouwing in te dienen bij de belastingdienst. Het belastingnadeel bedroeg €429.443. Verdachte was eerder veroordeeld voor strafbare feiten waaronder sociale zekerheidsfraude.
De rechtbank Groningen veroordeelde verdachte, waarna hij tijdig in hoger beroep ging. Het hof bevestigde de bewezenverklaring en kwalificatie van de feiten, maar wijzigde de strafoplegging. Hoewel de ernst van de feiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt, legde het hof een werkstraf van 240 uren op, gematigd tot 200 uren vanwege overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg.
Daarnaast werd een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden opgelegd om recidive te voorkomen. De gevangenisstraf wordt niet ten uitvoer gelegd tenzij verdachte binnen twee jaar opnieuw een strafbaar feit pleegt. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de werkstraf. Het hof motiveerde de straf op basis van persoonlijke omstandigheden en artikel 63 Sr Pro.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 200 uren werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden.