ECLI:NL:GHLEE:2009:BK2889
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- De Hek
- Zandbergen
- Zondag
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot wijziging schoolkeuze en instemmingsvereiste bij gezagsbeslissingen
Partijen zijn gescheiden ouders met gezamenlijk gezag over hun minderjarige zoon. De moeder schreef het kind in op een Montessorischool zonder instemming van de vader, die dit betwistte en vorderde dat de inschrijving ongedaan werd gemaakt en dat beslissingen over het kind alleen met zijn toestemming mochten worden genomen.
De voorzieningenrechter wees deze vorderingen af en het hof bekrachtigde dit vonnis. Het hof benadrukte dat het ouderlijk gezag het recht en de plicht omvat om het kind te verzorgen en op te voeden, maar dat dit recht in het belang van het kind moet worden uitgeoefend. Het enkele feit dat de vader niet betrokken was bij de schoolkeuze rechtvaardigt geen toewijzing van zijn vorderingen.
Het hof overwoog dat het belang van het kind centraal staat, waarbij het niet in zijn belang is om tijdens het schooljaar van school te wisselen. De moeder handelde weliswaar zonder instemming, maar dit was niet evident strijdig met het belang van het kind. Ook het ontbreken van een bodemprocedure door de vader speelde mee.
Ten aanzien van de vordering om beslissingen omtrent het kind alleen met toestemming van de vader te mogen nemen, oordeelde het hof dat dit onvoldoende bepaald was en dat veel dagelijkse beslissingen door de verzorgende ouder genomen kunnen worden zonder instemming van de andere ouder. De kans dat de moeder eenzijdig belangrijke beslissingen neemt zonder overleg achtte het hof onvoldoende groot.
Het hof compenseerde de proceskosten en wees het meer of anders gevorderde af, waarmee het vonnis van de voorzieningenrechter werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst de vorderingen van de vader af.