ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ8205
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Laméris - Tebbenhoff
- Rijnenberg
- Beswerda
- Hielkema
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten en schade na strafzaak zonder strafoplegging
Verzoeker heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 591a Sv voor vergoeding van kosten en/of schade die hij heeft geleden in een strafzaak tegen hem. De strafzaak werd behandeld door de politierechter in de rechtbank Groningen en in hoger beroep door het Gerechtshof Leeuwarden. Het hoger beroep werd op 26 augustus 2008 behandeld en het arrest van 9 september 2008 werd onherroepelijk op 24 september 2008.
De strafzaak eindigde zonder oplegging van straf of maatregel en zonder toepassing van artikel 9a Sr. Verzoeker heeft tijdig en op de voorgeschreven wijze zijn verzoek tot vergoeding ingediend. Hij vordert vergoeding van kosten van zijn raadsman en de kosten voor het indienen van het verzoekschrift.
Het hof heeft in openbare raadkamer de stukken bestudeerd en de advocaat-generaal gehoord. Het hof acht gronden van billijkheid aanwezig om verzoeker een vergoeding toe te kennen van in totaal €7.218,41, bestaande uit €6.943,41 voor de kosten van de raadsman en €275,00 voor de kosten van het verzoekschrift, conform landelijke richtlijnen.
Het hof wijst het meer of anders verzochte af en beveelt de tenuitvoerlegging van de vergoeding door overmaking op de bankrekening van de advocaat van verzoeker.
Uitkomst: Verzoeker wordt een vergoeding van €7.218,41 toegekend voor gemaakte kosten en schade in de strafzaak.