ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ7704
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Laméris-Tebbenhoff
- Rijnenberg
- Foppen
- Van der Woude
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding voor onrechtmatige detentie na vrijspraak
Verzoeker heeft gedurende 111 dagen gedetineerd gezeten in het kader van een strafzaak die uiteindelijk leidde tot zijn vrijspraak. De detentie bestond uit 3 dagen in verzekering, waarvan 1 dag in beperkingen, en 108 dagen voorlopige hechtenis, waarvan 10 dagen in beperkingen.
Na de onherroepelijke vrijspraak op 27 juni 2006 heeft verzoeker een verzoek tot schadevergoeding ingediend op grond van artikel 89 Sv Pro. Het hof heeft het verzoek beoordeeld en geoordeeld dat er gronden van billijkheid zijn om een vergoeding toe te kennen voor zowel immateriële als materiële schade.
De vergoeding omvat een bedrag van €40.635, dat tevens de kosten van het verzoekschrift en bijkomende kosten dekt. Het hof wijst het meer of anders verzochte af en beveelt de uitbetaling van het bedrag ten laste van de Staat.
Deze beslissing volgt op een zorgvuldige behandeling in raadkamer waarbij verzoeker, zijn advocaat en de advocaat-generaal zijn gehoord. De strafzaak tegen verzoeker eindigde zonder oplegging van straf of maatregel, waardoor de detentie onrechtmatig werd geacht.
Uitkomst: Verzoeker krijgt een schadevergoeding van €40.635 toegekend voor onrechtmatige detentie.