ECLI:NL:GHLEE:2009:BH5245
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Verschuur
- Breemhaar
- Van de Veen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt afwijzing schorsing tenuitvoerlegging alimentatiebijdrage na echtscheiding
Partijen waren gehuwd en zijn gescheiden; bij beschikking van 23 november 2005 werd bepaald dat appellant €600 per maand aan geïntimeerde moet bijdragen in de kosten van levensonderhoud. Appellant verzocht wijziging van deze alimentatie, maar de rechtbank wees dit af op 27 augustus 2008. Appellant startte daarop een kort geding om de tenuitvoerlegging van deze beschikking te schorsen.
Het hof oordeelt dat de primaire vordering tot schorsing niet toewijsbaar is omdat de beschikking van 27 augustus 2008 geen executoriale titel is, maar neemt het subsidiaire verzoek tot een passende voorziening in behandeling. Appellant stelt dat de draagkrachtberekening onjuist is vanwege onjuiste woonlasten, met name de hypothecaire rente en lasten van een loods.
Het hof concludeert dat de rechtbank een misslag heeft gemaakt in de draagkrachtberekening door een te laag bedrag aan hypothecaire rente te hanteren. De lasten van de loods worden geacht door de onderneming van de partner gedragen te worden. Na herberekening blijkt appellant nog steeds in staat is om circa €612 per maand te betalen, wat niet afwijkt van de vastgestelde alimentatie. Er is geen sprake van misbruik van executiebevoegdheid of noodtoestand die schorsing rechtvaardigt. Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en bepaalt dat partijen ieder hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot schorsing van de alimentatiebetaling af en bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter.