ECLI:NL:GHLEE:2008:BC8189
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Knijp
- Zandbergen
- Janse
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake cessie en opdracht tot verbouwingswerkzaamheden woning
In deze civiele zaak vordert H.B.D. Bouw B.V. betaling van €72.595,95 voor verbouwingswerkzaamheden aan de woning van appellante 1 en appellant 2. H.B.D. baseert haar vordering op een cessie van vorderingen van Bouwgroep, het failliete bedrijf waarvoor appellant 2 als commercieel directeur werkte. Appellanten betwisten de rechtsgeldigheid van de cessie en dat appellante 1 opdracht heeft gegeven voor de werkzaamheden.
De rechtbank oordeelde dat de cessie rechtsgeldig was en dat de opdracht mede namens appellante 1 was gegeven, en legde appellanten bewijsopdrachten op. Het hof heroverweegt deze punten in hoger beroep. Het stelt vast dat de cessie rechtsgeldig is, maar dat het niet vaststaat dat appellante 1 partij is bij de overeenkomst, omdat het betwiste feit of er een gesprek tussen appellant 2 en de vertegenwoordiger van Bouwgroep heeft plaatsgevonden niet vaststaat.
Het hof vernietigt daarom het vonnis voor zover appellante 1 bewijs moest leveren van de gestelde afspraken en verklaart appellanten niet-ontvankelijk in het hoger beroep. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling. Tevens veroordeelt het hof H.B.D. in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verklaart appellanten niet-ontvankelijk in hoger beroep en vernietigt het vonnis voor zover bewijsopdrachten aan appellante 1 zijn opgelegd, waarna de zaak wordt verwezen naar de rechtbank.