ECLI:NL:GHLEE:2008:BC5918
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Kuiper
- Hidma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansprakelijkheid en bewijs in faillissementskwestie levering kozijnen
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of geïntimeerde Euro Kozijn B.V. op 19 september 2003 al niet in staat was om de op 15 augustus 2003 bestelde pui en raamkozijnen te leveren inclusief montage, en of appellant daardoor schade heeft geleden.
Partijen hebben getuigen gehoord en verklaringen afgelegd in enquête en contra-enquête. Het hof concludeert dat de verklaringen van getuigen in contra-enquête de stelling van geïntimeerde ondersteunen dat het opzeggen van het bankkrediet en het daarop volgende faillissement onverwachts kwam. Hierdoor is niet komen vast te staan dat op 19 september 2003 duidelijk was dat levering niet mogelijk zou zijn.
Appellant stelde dat het nalaten van geïntimeerde om crediteuren direct te informeren over het naderende faillissement een zelfstandige grond vormde voor privéaansprakelijkheid, maar het hof verwierp deze redenering.
De bewijsopdracht is door appellant niet voldoende nagekomen, mede omdat de getuigenverklaringen van zijn echtgenote en dochter onvoldoende sterk en essentieel waren om zijn verklaring geloofwaardig te maken.
Het hof bekrachtigt het vonnis waarvan beroep en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellant af met kostenveroordeling.