ECLI:NL:GHLEE:2007:BB4726
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J. Huiskes
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde recreatiewoning na onvoldoende onderbouwing door heffingsambtenaar
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande recreatiewoning die in 1997 is gebouwd. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde per peildatum 1 januari 2003 vast op €114.000, wat belanghebbende betwistte en een lagere waarde van €95.000 vorderde. Na een ongegrond verklaard bezwaar en beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het gerechtshof Leeuwarden.
Het hof beoordeelde de onderbouwing van de vastgestelde waarde door de heffingsambtenaar, die deze baseerde op een taxatierapport en referentieverkopen van vergelijkbare woningen op hetzelfde recreatiepark. Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar niet slaagde in de bewijslast, omdat de referentieverkopen de vastgestelde waarde onvoldoende ondersteunden en de waardecomponenten niet herleidbaar waren.
Hoewel belanghebbende een waarde van €95.000 bepleitte, vond het hof dit bedrag niet aansluiten bij de transactiecijfers. Het hof bepaalde de waarde op het gemiddelde van de referentieverkopen, afgerond op €98.450. Het hof vernietigde de eerdere uitspraken, verklaarde het beroep gegrond, en legde de gemeente Westerveld de kostenveroordeling op, inclusief vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de recreatiewoning wordt verminderd tot €98.450 en het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard.