ECLI:NL:GHLEE:2007:BB0754

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
1 augustus 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
700148
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • mr. Melssen
  • mr. Hermans
  • mr. Garos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 WTZBArt. 3 WTZBArt. 25 WTZB
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gegrondverklaring verzet tegen vaststelling van afzonderlijk vast recht bij gelijke procureur

In deze zaak ging het om het geschil over de vaststelling van het verschuldigde vast recht door de griffier van het hof Leeuwarden. Zowel Emslandermeer B.V. als PRO-EMS B.V. waren verschenen bij dezelfde procureur en hadden elk een gelijkluidende memorie van grieven genomen tegen een vonnis van de rechtbank Groningen. De griffier had voor beide vennootschappen afzonderlijk een vast recht van €5.834 vastgesteld.

PRO-EMS B.V. kwam hiertegen in verzet op grond van artikel 25 van Pro de Wet tarieven in burgerlijke zaken (WTBZ). Het hof stelde vast dat volgens artikel 3, eerste lid, WTZB eisers die bij dezelfde procureur verschijnen en gelijke conclusies nemen slechts eenmaal vast recht verschuldigd zijn. Het hof verwierp de stelling van de griffier dat eisers op dezelfde dag bij de procureur moeten verschijnen.

Het hof verklaarde het verzet gegrond, vernietigde de beslissing van de griffier en stelde het vast recht voor PRO-EMS B.V. op nihil. Hiermee werd voorkomen dat dubbele kosten werden geheven voor dezelfde procedure vertegenwoordigd door dezelfde procureur.

Uitkomst: Het hof verklaart het verzet gegrond en stelt het vast recht voor PRO-EMS B.V. op nihil.

Uitspraak

Beschikking d.d. 1 augustus 2007
Rekestnummer 0700148
HET HOF TE LEEUWARDEN
beschikking in de zaak van
PRO -EMS B.V.,
gevestigd te Vlagtewedde,
opposant op de voet van art. 25 Wet Pro tarieven in
burgerlijke zaken (WTBZ), tegen een beslissing van de
Griffier van het Hof te Leeuwarden.
De feiten
1. Op 30 augustus 2006 heeft de rechtbank Groningen onder zaaknummer
81322/HA-ZA 05/720 een vonnis gewezen tussen [naam 1]
Projectontwikkelingsmaatschappij als eiseres in conventie en verweerster in
reconventie en Emslandermeer B.V. en PRO - EMS B.V. als gedaagden in
conventie en eiseressen in reconventie.
2. Emslandermeer B.V. is bij exploot van 28 november 2006 in hoger beroep
gekomen tegen het vonnis van de rechtbank Groningen van 30 augustus 2006.
Deze zaak is bij het hof ingeschreven onder rolnummer C 06/00633.
3. PRO - EMS B.V. is bij exploot van 18 januari 2007, hersteld bij exploot van
2 februari 2007, (eveneens) in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de
rechtbank Groningen van 30 augustus 2006. Deze zaak is bij het hof
ingeschreven onder rolnummer C 07/00059.
4. In beide zaken is door de (waarnemend) griffier van het hof het door elk van appellanten verschuldigd vast recht bepaald op € 5.834, --.
5. Tegen de beslissing van de (waarnemend) griffier van het hof om naast het door Emslandermeer B.V. verschuldigde vast recht van € 5.834, -- het door PRO- EMS B.V. verschuldigde vast recht (eveneens) op € 5.834, -- te bepalen is PRO - EMS B.V. op 8 maart 2007 in verzet gekomen bij verzoekschrift als bedoeld in art. 25 WTBZ Pro.
6. De (waarnemend) griffier van het hof heeft op 18 april 2007 een verweerschrift ingediend en verzocht het verzet ongegrond te verklaren.
7. PRO - EMS B.V. heeft bij nadere toelichting, ter griffie van het hof
ingekomen op 4 juni 2007, gereageerd op het verweerschrift van de
(waarnemend) griffier van het hof.
8. De (waarnemend) griffier is in de gelegenheid gesteld op deze nadere
toelichting van PRO - EMS B.V. te reageren, van welke gelegenheid geen
gebruik is gemaakt.
9. Het verzoekschrift, het verweerschrift en de nadere toelichting, welke
genoegzaam bekend zijn bij PRO -EMS B.V. en de (waarnemend) griffier
maken deel uit van deze beschikking.
De beoordeling van het verzet
10. Artikel 2, eerste lid, WTZB houdt - voor zover hier van belang - het volgende in:
Voor een geding wordt van elke eisende partij, na de eerste uitroeping van de
zaak ter terechtzitting, en van elke verschenen gedaagde voor iedere instantie
een vast recht geheven.
11. Artikel 3, eerste lid, WTZB houdt - voor zover hier van belang -het volgende in:
Eisers of gedaagden, die bij eenzelfde procureur of gemachtigde verschijnen
en gelijkluidende conclusies nemen, zijn gezamenlijk slechts eenmaal vast
recht verschuldigd.
12. Aangezien onweersproken vast staat dat zowel Emslandermeer B.V. als PRO - EMS B.V. bij dezelfde procureur, mr. J.B. Dijkema, is verschenen en dat ieder van hen ook een gelijkluidende memorie van grieven heeft genomen, is het hof met PRO- EMS B.V. van oordeel dat zich een situatie voordoet als bedoeld in artikel 3, eerste lid, WTZB. Daarbij betrekt het hof dat - anders dan de (waarnemend) griffier kennelijk meent - noch uit de wet(stekst) noch uit de wetsgeschiedenis blijkt dat voor toepassing van bedoeld artikellid tevens is vereist dat eisers op dezelfde dag bij procureur moeten verschijnen c.q. dat de procureur zich op dezelfde dag namens alle eisers stelt.
Slotsom
13. In het licht van het vorenstaande zal het verzet gegrond worden verklaard en zal worden beslist als hierna aangegeven.
De beslissing
het hof:
verklaart het verzet gegrond;
vernietigt de bestreden beslissing van de (waarnemend) griffier;
en in zoverre opnieuw beslissende
stelt het door PRO - EMS B.V. verschuldigde vast recht op nihil.
Aldus gegeven door mrs. Melssen, Hermans en Garos, en uitgesproken door
mr. Melssen, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van
de heer Lorist als griffier, ter openbare terechtzitting van dit hof van woensdag
1 augustus 2007.