ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0414
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Mollema
- Kuiper
- Breemhaar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis kort geding over betwiste vordering bouwfactuur en derdenbeslag
In deze zaak stond een geschil centraal tussen appellant en Vernieuwing Bouw over openstaande facturen voor verbouwingswerkzaamheden aan de woning van appellant. Appellant had een bedrag van €6.000,-- gestort op de derdenrekening van zijn raadsman om een conservatoir derdenbeslag van Vernieuwing Bouw op te heffen. Appellant vorderde dat dit bedrag aan hem zou worden uitgekeerd, stellende dat Vernieuwing Bouw ten onrechte een restvordering had.
De rechtbank wees de vordering van appellant af in kort geding. Appellant ging hiertegen in hoger beroep. Het hof oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat een contante betaling van €4.500,-- had plaatsgevonden en dat het betalingsbewijs door Vernieuwing Bouw 'voor akkoord' was getekend. De bewijslast lag bij appellant en uitgebreide bewijslevering ging het kader van het kort geding te buiten.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep. Het arrest benadrukte dat voor het vrijgeven van het depot het criterium van artikel 705 lid 2 Rv Pro analoog moet worden toegepast. Hiermee bleef het beslag gehandhaafd en werd de vordering van appellant afgewezen.
Uitkomst: Het gerechtshof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering van appellant af wegens onvoldoende bewijs.