ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0211
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter en officier van justitie wegens onredelijke vertraging en onjuiste adressering
De betrokkene had beroep ingesteld tegen een beslissing van de officier van justitie, maar de kantonrechter verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn.
Het hof stelde vast dat de beslissing van de kantonrechter niet naar het juiste adres van de betrokkene was gezonden, waardoor de beroepstermijn niet was aangevangen. De betrokkene had tijdig een beroepschrift ingediend op het juiste adres.
Daarnaast bleek dat de betrokken instanties onjuiste adressering hadden toegepast, waardoor de betrokkene niet tijdig op de hoogte was gesteld en niet in de gelegenheid was gesteld om zekerheid te stellen. Dit leidde tot onredelijke vertraging in de berechting.
Het hof oordeelde dat de zaak niet binnen een redelijke termijn zou worden behandeld en vernietigde daarom de beslissingen van de kantonrechter en officier van justitie, waarbij de administratieve sanctie werd opgeheven.
De zaak werd niet terugverwezen, maar definitief afgedaan vanwege de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
Uitkomst: De beslissing van de kantonrechter en officier van justitie wordt vernietigd vanwege onjuiste adressering en onredelijke vertraging, en de administratieve sanctie wordt opgeheven.