ECLI:NL:GHLEE:2007:AZ7592
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Garos
- Smedes
- van Eck
- Mollema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging voogdij en verblijfplaats minderjarige door tante
De moeder van de minderjarige overleed in 2004 waarna Bureau Jeugdzorg met de voogdij werd belast. De tante van de minderjarige verzocht de voogdij en verblijfplaats te wijzigen naar haar, stellende een nauwe persoonlijke betrekking met het kind te hebben. Het hof oordeelde dat de concrete feiten en omstandigheden die de tante aanvoerde, waaronder zorg in de babytijd en sporadisch contact, onvoldoende waren om te spreken van een beschermde gezinsband onder artikel 8 EVRM Pro.
Bureau Jeugdzorg en de grootmoeder moederszijde betwistten de nauwe persoonlijke betrekking en benadrukten de medische en gedragsproblematiek van het kind die een stabiele en neutrale opvoedingssituatie vereisen. De raad voor de kinderbescherming onderschreef dit standpunt. Het contact tussen de tante en het kind was beperkt tot één bezoek per 4-6 weken sinds 2003.
Het hof stelde vast dat de wet geen voorziening biedt voor een verzoek tot wijziging van de voogdij door een tante en dat de belangen van het kind prevaleren. De tante werd niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoeken tot wijziging van voogdij en verblijfplaats. De voogdij blijft bij Bureau Jeugdzorg, conform het belang van het kind.
Uitkomst: De tante wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot wijziging van voogdij en verblijfplaats; voogdij blijft bij Bureau Jeugdzorg.