ECLI:NL:GHLEE:2006:AY0286
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.W. Drion
- Rechtspraak.nl
Beoordeling juistheid ambtshalve opgelegde aanslag inkomstenbelasting 2000
Belanghebbende werd ambtshalve aangeslagen voor een belastbaar inkomen van ƒ 80.000,- over het jaar 2000 en kreeg een verzuimboete opgelegd. Tegen deze aanslag en boete werd bezwaar gemaakt, waarbij belanghebbende stelde dat de aangifte tijdig was ingediend en het inkomen ƒ 53.636,- bedroeg. De inspecteur handhaafde de aanslag en boete.
In beroep stelde belanghebbende dat de aanslag te hoog was vastgesteld en overlegde kopieën van de aangifte en jaarstukken, doch kon niet aantonen dat de aangifte tijdig was ingediend. Tijdens de zittingen gaf de gemachtigde aan niet te weten of de aangifte daadwerkelijk was verzonden. Het hof concludeerde dat de inspecteur pas na de aanslagdatum over de aangifte kon beschikken, waardoor deze niet als vereiste aangifte kan gelden.
Het hof oordeelde dat belanghebbende niet voldeed aan de bewijslast om de aanslag onjuist te verklaren. Tevens achtte het hof de schatting van de inspecteur, gebaseerd op het belastbaar inkomen van 1999, niet onredelijk. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de ambtshalve opgelegde aanslag inkomstenbelasting 2000 wordt ongegrond verklaard.