ECLI:NL:GHLEE:2005:AU6433
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging administratieve sanctie voor vasthouden mobiele telefoon tijdens rijden
In deze zaak ging het om een hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter die een administratieve sanctie van 140 euro oplegde aan betrokkene wegens het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden op 7 september 2004 in Venlo.
De gemachtigde van betrokkene voerde aan dat de kantonrechter ten onrechte niet ambtshalve de bevoegdheid van de verbalisanten had getoetst en dat het aanvullend proces-verbaal niet als bewijs mocht dienen omdat het na het administratief beroep was opgesteld. Tevens werd ontkend dat betrokkene een telefoon vasthield en werd gesteld dat de waarnemingen van de verbalisanten onjuist waren.
Het hof oordeelde dat geen rechtsregel de kantonrechter verplicht om ambtshalve de bevoegdheid van verbalisanten te onderzoeken en dat uit de wetgeving bleek dat de marechaussee bevoegd was tot het opleggen van de sanctie. Het aanvullend proces-verbaal mocht als bewijs dienen en de verklaringen van de verbalisanten werden geloofwaardiger geacht dan die van de echtgenote van betrokkene.
Verder stelde het hof vast dat het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden verboden is, ongeacht of er daadwerkelijk werd gebeld. Gezien de omstandigheden en het bewijs werd de sanctie bevestigd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de administratieve sanctie van 140 euro voor het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden.