ECLI:NL:GHLEE:2005:AU3831
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Aardema
- F.J.W. Drion
- S.A.W.J. Strik
- Rechtspraak.nl
Geschil over afwaardering van gronden in inkomstenbelastingzaak 1998
Belanghebbende was voor het jaar 1998 aangeslagen voor inkomstenbelasting met een belastbaar inkomen van f 150.000,-. Na bezwaar en vermindering door de inspecteur tot f 136.449,-, kwam belanghebbende in beroep tegen deze aanslag. Het geschil betrof de vraag of belanghebbende terecht een afwaardering van f 805.761,- op de gronden van zijn onderneming mocht toepassen.
Belanghebbende voerde aan dat de afwaardering in overeenstemming was met goed koopmansgebruik, omdat de waardedaling duurzaam was en de pacht niet snel zou eindigen. De inspecteur stelde dat geen waardevermindering bestond, dat de bewijslast bij belanghebbende lag en dat sprake was van handelen in fraudem legis.
Het hof stelde vast dat de maatschapsovereenkomsten en pachtovereenkomsten zodanig waren dat de gronden feitelijk bij belanghebbende bleven horen en dat bij zakelijke partners de winstcapaciteit per saldo gelijk bleef. Hierdoor was een lagere bedrijfswaarde niet aannemelijk gemaakt.
Het hof concludeerde dat belanghebbende niet in zijn bewijs was geslaagd en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting 1998 wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs voor afwaardering.