ECLI:NL:GHLEE:2005:AT7608
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Knijp
- Bax-Stegenga
- De Bock
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof vernietigt vonnis en verklaart Bo-mij niet-ontvankelijk in vordering tegen Eemshout
Het geschil betreft de vraag of Bo-mij een overeenkomst met Eemshout is aangegaan. Bo-mij stelde dat zij zaken had verhuurd aan Eemshout of dat Eemshout rechtstreeks met haar had gecontracteerd, al dan niet op basis van schijn. Eemshout betwistte dit en voerde aan dat contracten en facturen op naam van Bo-rent stonden, een andere entiteit.
In eerste aanleg werd de vordering van Bo-mij grotendeels toegewezen. Eemshout ging in hoger beroep en bracht een nieuw verweer in dat niet in eerste aanleg was gevoerd, namelijk dat de overeenkomsten niet met Bo-mij maar met Bo-rent waren gesloten. Het hof oordeelde dat dit nieuwe verweer toelaatbaar was.
Het hof stelde vast dat de contracten en facturen steeds op naam van Bo-rent stonden, een zelfstandige werkmaatschappij van Bo-mij Beheer BV. De handelsnaam van Bo-mij is anders en Bo-mij had onvoldoende onderbouwd dat zij onder de naam Bo-rent handelde. Ook was niet gebleken dat vorderingen waren overgegaan van Bo-rent op Bo-mij.
Het hof concludeerde dat Bo-mij niet als contractspartij kon worden beschouwd en verklaarde haar vordering niet-ontvankelijk. Het eerdere vonnis werd vernietigd en Bo-mij werd veroordeeld in de kosten van beide instanties.
Uitkomst: Bo-mij wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tegen Eemshout en veroordeeld in de kosten.