ECLI:NL:GHLEE:2005:AT4797
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken vertegenwoordigingsbevoegdheid in bestuursstrafzaak
In deze bestuursrechtelijke bestuursstrafzaak ging het om een administratieve sanctie van €100 wegens een snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom op 26 april 2004. De sanctie was opgelegd aan S.B. B.V., de kentekenhouder van het voertuig. S.I. B.V., een holding met dezelfde vestigingsplaats, stelde namens S.B. B.V. beroep in bij de officier van justitie en de kantonrechter, maar gaf later aan niet gemachtigd te zijn om namens S.B. B.V. op te treden.
De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens het niet stellen van zekerheid en omdat S.I. B.V. als gemachtigde van S.B. B.V. werd aangemerkt. Het hof vernietigde deze beslissing omdat de kantonrechter ten onrechte S.I. B.V. als gemachtigde had beschouwd. Het hof stelde vast dat S.I. B.V. geen personeel heeft en dat de overtreding door personeel van het failliete S.B. B.V. was begaan.
Het hof oordeelde dat de sanctie terecht aan S.B. B.V. als kentekenhouder was opgelegd, ongeacht het feit dat het een holding betreft zonder personeel. Omdat S.I. B.V. en haar directeur niet bevoegd waren om namens S.B. B.V. op te treden, verklaarde het hof het beroep niet-ontvankelijk. De beslissing van de kantonrechter werd vernietigd en het beroep van S.I. B.V. niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van vertegenwoordigingsbevoegdheid van de gemachtigde.