ECLI:NL:GHLEE:2005:AT0466
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pruiksma
- Drion
- Keuning
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1995 na FIOD-onderzoek
Belanghebbende werd een navorderingsaanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen voor 1995 opgelegd na een FIOD-onderzoek dat leidde tot een strafrechtelijke veroordeling wegens opzettelijk onjuiste aangifte. Het hof beoordeelde of deze aanslag terecht was opgelegd.
Uit het FIOD- en boekenonderzoek bleek dat belanghebbende diverse onregelmatigheden beging, zoals het niet volledig verantwoorden van ontvangen betalingen, onjuiste toerekening van autokosten, privé-uitgaven als bedrijfskosten boeken en het niet opnemen van rente-inkomsten. Deze constateringen leidden tot een aanzienlijk hoger belastbaar inkomen dan door belanghebbende opgegeven.
Belanghebbende voerde aan dat de navorderingsaanslag onterecht was omdat het bezwaar tegen de primitieve aanslag nog niet definitief was, hij niet was gehoord over het bezwaar en dat de correcties niet bewezen waren in de strafzaak. Het hof vond deze argumenten onvoldoende en oordeelde dat belanghebbende niet voldeed aan zijn fiscale verplichtingen volgens de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de navorderingsaanslag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof Leeuwarden op 11 maart 2005.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1995 wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.