ECLI:NL:GHLEE:2004:AR2661
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Prof. mr E. Aardema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging waardebeschikking WOZ wegens onjuiste gereedheidspercentage woning
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de vraag centraal of de waardebeschikking van een onroerende zaak terecht was vastgesteld door de gemeente Smallingerland. De ambtenaar had de WOZ-waarde van de woning vastgesteld op €252.000 met ingang van 1 januari 2003, uitgaande van een gereedheidspercentage van 75% op 1 januari 2002.
De belanghebbende stelde dat de woning op die datum voor 100% gereed was. Tijdens de mondelinge behandeling op 17 juni 2004 werd onder meer een foto besproken die de bestrating toonde en een brief waarin stond dat de woning op 7 december 2001 was opgeleverd. De gemachtigde van de ambtenaar erkende dat de bestrating gereed was en dat het verschil in waardering van 25% te hoog was.
Het hof concludeerde dat de woning op de peildatum volledig gereed was en dat de ambtenaar daarom geen nadere waardebeschikking had mogen geven op grond van artikel 19 lid 2 van Pro de Wet waardering onroerende zaken. Het beroep werd gegrond verklaard, de waardebeschikking vernietigd en de gemeente werd gelast het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: De waardebeschikking van 15 februari 2003 wordt vernietigd omdat de woning op de peildatum volledig gereed was.