ECLI:NL:GHLEE:2004:AO4283
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Weenink
- Hermans
- Zwinkels
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag op echtgenote met messteken
Het gerechtshof Leeuwarden heeft op 20 februari 2004 het vonnis van de rechtbank Groningen vernietigd en verdachte veroordeeld voor poging tot doodslag op zijn echtgenote. Verdachte had zijn vrouw meerdere malen met een mes in de rug, borst, arm en buik gestoken met de bedoeling haar van het leven te beroven. Het slachtoffer overleefde doordat zij tijdig goede medische zorg ontving.
De relatie tussen verdachte en zijn vrouw was slecht en de verdachte raakte in woede nadat zijn vrouw aangaf haar eigen weg te willen gaan. Het hof oordeelde dat verdachte geen respect had voor zijn vrouw en meende dat zij zich naar hem moest schikken, wat leidde tot het ernstige geweldsdelict. Het jonge kind van het stel was getuige van het geweld, wat als traumatisch werd beoordeeld.
Het hof achtte bewezen dat verdachte het misdrijf met opzet pleegde en wees strafuitsluitingsgronden af. Wel werd rekening gehouden met een lichte vermindering van toerekeningsvatbaarheid op basis van een psychiatrisch rapport. De rechtbank had een gevangenisstraf van 30 maanden opgelegd, maar het hof vond dit onvoldoende gezien de ernst van het feit en legde een gevangenisstraf van vier jaar op.
Verdachte werd vrijgesproken van andere ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden. Het hof benadrukte dat culturele opvattingen geen rechtvaardiging kunnen bieden voor het geweld. Verdachte en zijn vrouw hadden zich inmiddels verzoend, maar dit leidde niet tot een lichtere straf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf voor poging tot doodslag op zijn echtgenote met meerdere messteken.