ECLI:NL:GHLEE:2004:AO3004
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Aardema
- Rechtspraak.nl
Geschil over WOZ-waarde tankstation per 1 januari 1999
Belanghebbende betwist de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van een tankstation aan de A-weg 36 te Z per 1 januari 1999. De heffingsambtenaar had de waarde vastgesteld op €118.318, waarbij het tankstation sinds 1997 was gesplitst van het garagebedrijf met bovenwoning. Belanghebbende stelt dat de waarde van het tankstation lager moet zijn, omdat deze volgens hem reeds in de waarde van het garagebedrijf was inbegrepen.
Het hof overweegt dat de heffingsambtenaar terecht de onroerende zaak heeft gesplitst in twee afzonderlijke WOZ-objecten conform artikel 16 van Pro de Wet WOZ. Daarnaast is het beroep ongegrond omdat belanghebbende geen aannemelijk bewijs heeft geleverd dat de waarde te hoog is vastgesteld. De heffingsambtenaar heeft de waarde onderbouwd met de Real Estate Norm (REN)-methodiek, die algemeen geaccepteerd is binnen de branche.
Tijdens de mondelinge behandeling was belanghebbende niet aanwezig, maar de heffingsambtenaar werd vertegenwoordigd. Het hof acht de gebruikte taxatiemethodiek en de onderbouwing voldoende betrouwbaar en wijst het beroep af. Er worden geen proceskosten toegewezen.
De uitspraak bevestigt dat de WOZ-waarde van het tankstation per 1 januari 1999 €118.318 bedraagt en dat de splitsing van het object correct is toegepast.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €118.318 voor het tankstation wordt ongegrond verklaard.