ECLI:NL:GHLEE:2003:AN9172
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Meijeringh
- Kuiper
- Streppel
- Rechtspraak.nl
Niet ontvankelijkheid appel wegens niet betrekken curator in faillissementsprocedure
In deze civiele procedure was appellante in eerste aanleg succesvol in kort geding tegen geïntimeerde. Appellante stelde hoger beroep in tegen de vonnissen van de voorzieningenrechter. Tijdens het hoger beroep werd geïntimeerde failliet verklaard. Het hof wees appellante erop dat zij de mogelijkheid had om schorsing te vragen om de curator in het geding te betrekken, zoals voorgeschreven in art. 28 Faillissementswet Pro.
Appellante maakte geen gebruik van deze mogelijkheid. Het hof oordeelde dat hierdoor appellante geen rechtsbelang had bij haar appel, omdat een veroordeling in hoger beroep geen werking kan hebben tegenover de boedel. Dit volgt uit het feit dat een rechtspersoon faillissement niet kan overleven en de veroordeling niet tegen de failliete boedel kan worden uitgevoerd.
Het hof verklaarde het hoger beroep van appellante niet ontvankelijk en veroordeelde haar in de kosten van de procedure in hoger beroep. De uitspraak benadrukt het belang van het betrekken van de curator in faillissementsprocedures om rechtsbescherming te waarborgen.
Uitkomst: Appellante wordt niet ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep wegens het niet betrekken van de curator na faillissement van geïntimeerde.