ECLI:NL:GHLEE:2003:AM7762
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.S. Pruiksma
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof vermindert WOZ-waarde winkelpand wegens geringe frontbreedte
Belanghebbende, eigenaar van een winkelpand aan de a-straat 19 te Leeuwarden, maakte bezwaar tegen de door de gemeente vastgestelde WOZ-waarde per 1 januari 1999. De ambtenaar had de waarde vastgesteld op f 1.647.000,-, later verminderd tot f 1.327.000,- na bezwaar. Belanghebbende betwistte deze waarde en voerde aan dat de werkelijke huuropbrengst lager was vanwege de geringe frontbreedte van het pand, het zogenaamde 'pijpenla-effect'.
Het geschil spitste zich toe op de juiste waardebepaling volgens de Wet waardering onroerende zaken, waarbij de waarde wordt bepaald op basis van de huurwaardekapitalisatiemethode. Belanghebbende stelde een lagere waarde voor, gebaseerd op een taxatierapport met een kapitalisatiefactor van 11,64 en een lagere huuropbrengst. De ambtenaar verdedigde de vastgestelde waarde met een eigen taxatierapport en stelde dat de lagere huuropbrengst geen goede afspiegeling was van de waarde.
Het gerechtshof oordeelde dat de ambtenaar niet in zijn bewijslast was geslaagd om aan te tonen dat de hogere waarde correct was. De door belanghebbende daadwerkelijk gerealiseerde huur en het pijpenla-effect werden als doorslaggevend beschouwd. Het hof verlaagde de waarde tot f 1.088.713,- (€ 494.000,-) en veroordeelde de gemeente tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige waardebepaling met inachtneming van specifieke kenmerken van het onroerend goed.
Uitkomst: Het gerechtshof heeft de WOZ-waarde van het winkelpand verlaagd tot f 1.088.713,- (€ 494.000,-) en de gemeente veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.